BLOG: Goed doen is nog geen recht doen
We doen vaak goed vanuit onze religieuze of (sub)culturele overtuigingen. Gestimuleerd vanuit boodschappen over ‘goed doen’ die we van huis uit hebben meegekregen. Zoals het hoort, zoals we denken dat het van ons wordt verwacht, of zoals we denken dat het voor de ander het beste is.
We kunnen echter pas over ‘goed doen’ spreken als de ander er echt iets mee kan. Wanneer je er samen eerst over in gesprek gaat. Afstemmen dus, of hetgeen wat je geeft, doet of laat, passend is om te geven, te doen of te laten voor jezelf én voor de ander.
Recht doen gaat over tot je recht komen. En de ander tot zijn recht laten komen. Het gaat over een wederzijdse faire benadering. Het gaat niet om krijgen wat je wilt hebben, maar om een bron van wederzijdse betrouwbaarheid die je samen opbouwt. Het is tevens een investering in de relatie: je komt zelf tot je recht als je de ander recht doet.
Het tot je recht komen is dus geen klant-en-klaar product wat je bij de supermarkt koopt. Op de korte termijn kost dit duurzame proces energie en inspanning. De vruchten ervan pluk je op de lange termijn: zowel voor jezelf, de ander en zeker voor je kinderen.
Margriet loopt mopperend op Jaap door het huis: “Hij wil gewoon boven zijn stand leven, het kan hem niks schelen als wij daarvan de gevolgen dragen. Hij doet maar waar hij zin in heeft. Wat ik ook zeg, het doet er niet toe. Straks zitten we nog met een berg schulden of moeten we het huis uit als we geen geld hebben voor de vaste lasten.” Hun oudste zoon Jan-Jaap is het zat en zegt boos: “Je kunt nou wel mopperen op pa, maar je snapt er niks van. Hij is gewoon als opa en jij zet je altijd af tegen opa. Hij moet wel dingen stiekem doen want anders begin jij te zeuren.” Margriet staat perplex. Wat ziet Jan-Jaap wat zij niet ziet?
Jaap probeert een goede zoon te zijn door hetzelfde te doen als zijn vader: mensen matsen, een klusje voor de een hier, en voor de ander daar. Een mooi hebbedingetje sjacheren om zijn zonen of Margriet blij mee te maken. Het hoort allemaal bij het vak. Dat hij zichzelf daarvoor in bochten moet wringen en er zelfs door in de problemen komt, neemt hij op de koop toe. Zo heeft Jaap het zaken doen van zijn vader geleerd. Margriet heeft, doordat ze haar schoonvader min of meer minachtte, (ze noemde hem vaak een sjoemelaar) Jaap geen recht gedaan. Ze heeft nooit gezien wat het Jaap kostte om zijn gezin zoveel te geven. Ze heeft hem nooit gevraagd naar zijn stijl van zakendoen en of hij het wel hetzelfde wilde aanpakken als zijn vader. Of hij zichzelf én haar én hun zonen daar recht mee dacht te doen? Jaap heeft ook nooit overlegd met Margriet: wilde zij wel dat hij spullen bij elkaar sjacherde? Ze hebben nooit afgestemd of dit wel was wat zij samen belangrijk vonden voor hun zonen. We gaan in gesprek over ijken en afstemmen. Zodat goed doen, ook rechtdoen wordt.
Wat is afstemmen/ijken in een langdurige relatie:
- Uitspreken wat jij denkt dat de ander nodig heeft en vragen of dat klopt zowel voor nu als voor de lange termijn
- Vragen of de ander het fijn vindt of nodig heeft als je helpt, geeft, doet of laat. Is het ook helpend op de lange duur?
- Je afvragen of dat ook passend is voor jezelf, nu en op de lange termijn?
- Samen tot een overeenstemming komen die nu passend is maar ook op de lage duur voor ieder van jullie
- Wanneer er nog andere betrokkenen zijn (kinderen) moet je die meenemen in je overwegingen en afstemmingen.
Vraag: Welk belang heb jij wat je niet bespreekbaar maakt met de andere betrokkene in de relatie, maar toch ‘onuitgesproken’ probeert te behartigen?
Tip: Als je ongevraagd goed doet, vraag dan eens aan de ander of hij er echt mee geholpen is. Onderzoek of je jezelf er recht mee hebt gedaan.
Nieuwe blogs als eerste via email ontvangen?
Vul dan hier je emailadres in:


